Australië behoort tot de modernste wijnlanden ter wereld. Veel moderne technologie die nu wereldwijn in de wijngaard en de kelder wordt toegepast, is ontwikkeld in Australië. De wijnmakers van het land staan open voor onbeperkt experimenteren, en hun kennis en kunde hebben zij als flying winemakers inmiddels ruimschoots met de rest van de wijnwereld gedeeld.

Klimaat en bodem

Australië is een heet continent, dat voor een groot deel uit woestijn bestaat. Wijnbouw komt dan ook alleen voor in het zuiden, in een 5000 km brede band die van oost naar west loopt. Er zijn vier grote wijngebieden: New South Wales, rond Sydney en Canberra; Victoria, rond Melbourne; South Australia, rond Adelaïde; en Western Australia, rond Perth. Daarnaast komt uitstekende wijn uit Tasmanië.

De bodems verschillen enorm binnen deze gebieden. Beroemd is bijvoorbeeld de terra rossa-bodem rond Coonawarra, die topkwaliteit Cabernet Sauvignon levert. Van groot belang zijn ook de grote rivieren, vooral in New South Wales, Victoria en South Australia. Zij zorgen voor wateraanvoer, maar hebben ook invloed op zaken als mistvorming, waardoor botrytiswijnen mogelijk zijn in Australië. Irrigatie van wijngaarden is in grote delen van Australië nodig.

Geschiedenis

De eerste wijnstokken werden in 1788 in de omgeving van Sydney aangeplant door Arthur Philip, gouverneur van de Engelse strafkolonie. Echter pas sinds 1815 is van enig succes in de aanplant sprake, toen John Macarthur geschikte stekken uit Madeira, Frankrijk en van de Kaap naar Australië meebracht. Tussen het begin van de 19e eeuw en circa 1970 zijn in Australië voornamelijk versterkte portachtige wijnen gemaakt. Dat was waar de Engelse markt om vroeg. Pas met de komst van Duitse immigranten naar de Barossa Valley, in South Australia, zijn serieuze tafelwijnen, bijvoorbeeld Riesling, in Australië beschikbaar gekomen.

Australië nu

De huidige Australische wijnindustrie is vooral het product van de toegenomen exportmogelijkheden en toenemende vraag naar tafelwijnen van na 1970. En die groei zet zich nog steeds door: in 1995 waren er slechts 900 wineries, in 2005 waren dat er al 1900. Tachtig procent van de wijnbouw is in handen van grote multinationale bedrijven. Australië is ook het land van de merkwijnen. Terwijl in Europa vaak de wijngebieden centraal staan (een Bordeaux, een Rioja, een Moezelwijn, een Champagne), zijn het in Australië de merken die de naam hebben. Denk aan Yellow Tail, Hardys, Jacob’s Creek, Penfolds. Veel van deze wijnen bieden dan ook jaar in jaar uit dezelfde kwaliteit. Dit wordt onder meer bereikt door de druiven van overal aan te kopen, niet noodzakelijkerwijs uit één gebied.

De bekendste wijnen van Australië zijn de zogenaamde ‘varietals’, wijnen van één druivensoort: Shiraz, Cabernet Sauvigon, Chardonnay, Riesling bijvoorbeeld. Daarnaast maken de blends ook opgang, en wordt er steeds meer naar de invloed van bodem en microklimaat gekeken (terroir).