Een beetje een vreemde druif is het wel omdat bijna niemand deze druif kent, maar toch is airén de meest aangeplante druif ter wereld. Deze druif zorgt voor hoge rendementen en voelt zich in het warme hart van Spanje op zijn gemak. Ruim 30% procent van de Spaanse wijngaarden is beplant met airén.

Het domein waar airén zich op zijn gemak voelt is La Mancha. Hier vind je enorme, uitgestrekte wijngaarden met airén druiven. La Mancha is het grootste aaneengesloten wijnareaal ter wereld. De wijngaarden worden afgewisseld door de bekende windmolen uit het verhaal van Don Quichot. De hoogvlakte zorgt voor warme dagen en koele nachten. Hierdoor ontstaat een langzaam rijpingsproces dat er voor zorgt dat de druif zijn frisse zuren behoudt maar toch ook voldoende suikers opbouwt. 

Airén voelt zich optimaal thuis in La Mancha
De herkenbare windmolen op de hoogvlakte van La Mancha, de thuisbasis voor Airén

Een aantal jaren geleden waren de wijnen van airén vaak geoxydeerd en beetje ‘sherryachtig’. Inmiddels hebben nieuwe wijnbouwtechnieken, afkomstig uit de Nieuwe Wereld, ervoor gezorgd dat van deze druif heerlijk bloemige en stuivende wijnen gemaakt kunnen worden. Door koele vergisting is de wijn stuivend fris met een hint van appel, citrus en florale tonen. Een airén van goede kwaliteit kan zeker de concurrentie aangaan met andere stuivende witte Spaanse wijnen zoals Verdejo of Albarino.

Airén wordt niet alleen gebruikt voor wijn maar ook voor Spaanse brandy, te vergelijken met Cognac of Armagnac. In deze streken is de wijn niet bekend onder zijn Spaanse naam, maar onder zijn eigen lokale variëteit, ugni blanc. Vanwege het lage alcoholpercentage en de hoge zuurgraad is dit een ideale druif om de wijn ervan te distilleren. 

Airén is een echte eetwijn die erg goed past bij visgerechten uit Spanje zoals een heerlijke paella met vis of sardientjes van de gril. Koud serveren is zeker aan te raden.

Wijnen gemaakt van airén